Om te bepalen hoeveel compensatie je krijgt, wordt bekeken hoeveel zaterdagavonden je hebt gewerkt in de periode tussen 1 juli 2017 t/m 30 juni 2018. Je krijgt alleen toeslag als je meer dan 20 zaterdagavonden hebt gewerkt en toeslag hebt ontvangen (dus niet als het alleen een uitloopkwartiertje na 18 uur was).

Stel dat je in die periode 21 zaterdagavonden hebt gewerkt van 3 uur:
Dan wordt eerst berekend wat het totaal aantal uren is (21 x 3 uur = 63 uur). De toeslag gaat van 100% naar 0%. Na 1 juli 2016 krijg je dus geen toeslag meer voor de uren op zaterdagavond na 18 uur. Dat betekent dat al je gewerkte uren in dat voorgaande jaar gecompenseerd moeten worden, in dit voorbeeld 63 uur totaal.
Stel dat jouw bruto uurloon € 11 euro is. Dan gaat het om 63 x 11 euro is € 693 voor het hele jaar.
Dit bedrag wordt dan gedeeld door 12, zodat het een bedrag per maand is (693 : 12 = € 57,75). Dit maandbedrag wordt een toeslag en wordt voortaan iedere maand uitbetaald.

Zelfde voorbeeld, maar dan compensatie in tijd:
Bij compensatie in tijd wordt eigenlijk hetzelfde gedaan. Eerst wordt berekend wat het totaal aantal uren is (21 x 3 uur = 63 uur, in ons voorbeeld). De toeslag gaat straks van 100% naar 0%. Dat betekent dat al je gewerkte uren in dat voorgaande jaar gecompenseerd moeten worden, in dit voorbeeld 63 uur totaal.
Dit aantal uren wordt dan gedeeld door 12 voor het aantal maanduren (63 uur : 12 maanden = 5,25 uren per maand). Dit maandbedrag wordt bij je maandelijkse vrije uren opgeteld en staat voortaan iedere maand bij je verlofuren op je loonstrook.